1. Als ik suïcidale gedachten heb — is dat gevaarlijk, en zegt dat iets over wat ik moet doen?
Nee. Suïcidale gedachten zijn geen opdrachten, maar signalen van overbelasting. Soms kunnen die gedachten heel dwingend aanvoelen — alsof je ernaar móét handelen — maar ook dan blijven het signalen, geen waarheden of bevelen.
Ze zeggen niets over wie jij bent of wat je moet doen. Ze komen vaak in golven en hangen meestal samen met onderliggende problemen zoals psychische aandoeningen, crisissituaties, verlies, financiële zorgen of eenzaamheid. Dat zijn omstandigheden — geen fouten van jou als mens.
Je hoeft niet te wachten tot het écht misgaat om hulp te zoeken. Als je voelt dat het moeilijk wordt, of als je begint te twijfelen of je het nog wel alleen redt, is dat al een goed moment om er met iemand over te praten. Tijdig hulp zoeken is een vorm van goed voor jezelf zorgen.
Neem je gedachten serieus, maar blijf er niet alleen mee. Hulp vragen is geen zwakte — het is een daad van moed en een eerste stap richting herstel.
2. Maakt het praten over mijn suïcidale gedachten het niet erger?
Praten maakt het niet erger -het lucht op en geeft erkenning aan een wankel bestaan. Het is een misverstand dat praten over suïcidale gedachten het verergert.
In werkelijkheid helpt het juist om ruimte te maken voor steun. Je hoeft niet precies te weten wat je nodig hebt, alleen aangeven dat je het niet meer alleen redt is al genoeg.
Als iemand tot over z’n oren in een suïcide scenario zit, is er hopelijk nog een kier waardoor hij/zij gevraagd kan worden of die het echt wil of dat hij/zij zichzelf hiertegen zou willen beschermen?
Doodsgedachten zijn vaak een blijvende hangende en onwelkome gast. Je kunt er zelfs mee leren leven.
3. Ben ik echt geen last voor anderen?
Je bent geen last – dat is een gedachte, geen waarheid.
Het gevoel dat je anderen tot last bent komt vaak voort uit depressie of uitputting. In werkelijkheid geven mensen vaak veel meer om je dan je denkt, ook als ze het niet goed laten merken.
Je bestaan doet ertoe. Ik [Bodine de Walle] checkte eens bij een goede vriendin of ik haar niet te veel claimde? “Nee”, zei ze; “Je moet nu juist claimen”!
4. Kan je iemand die zelfmoord wil plegen tegenhouden?
Vaak willen mensen niet de pijn en wanhoop voelen, maar niet per se dood. Ze zoeken verlichting, rust of controle. Dood lijkt dan een oplossing, niet het échte doel. Taboe, schuldgevoel of angst voor afwijzing maken dat mensen het stilhouden. Het zijn hardnekkige gedachten: ‘malen’.
Dat maakt het extra belangrijk om zonder oordeel of advies te luisteren en ruimte te geven. Behandeling, medicatie, lotgenotencontact, gesprekken of steun uit de omgeving maken écht verschil.
Zelfs mensen die ooit dachten dat het nooit beter zou worden, kunnen herstel ervaren.
5. Breng je iemand niet juist op gedachten door te praten over doodsgedachten en zelfmoord?
Juist niet. Praten over doodsgedachten verlaagt het risico. Het kan opluchten, verbinding geven en ruimte maken voor alternatieven. Aandacht geven haalt juist de angel eruit. Open vragen, samen nagaan wanneer en hoe die doodsgedachten binnen slopen en langzaam de regie overnemen.
Luisteren zonder direct te willen fixen, en nabij blijven zijn vaak het krachtigste wat je kunt doen.
6. Hoe begin je een gesprek over zelfmoord?
Probeer eerst aansluiting te vinden. Knoop een gesprekje aan en laat zien dat je je zorgen maakt. Benoem wat je ziet bij de ander. Bijvoorbeeld zo: ‘Het valt me op dat je je terugtrekt.’ ‘Ik hoor je vaak zeggen dat je het leven te zwaar vindt’, ‘Je maakt zo’n onverschillige indruk, fietste jij nou laatst tegen het verkeer in?’
Je kunt ook gewoon vragen of iemand aan zelfmoord denkt? Zo bijvoorbeeld: ‘Denk je weleens aan zelfmoord?’ ‘Denk je weleens: Van mij hoeft het niet meer?’ ‘Denk je weleens: Zo wil ik niet verder leven?’ Wil je jezelf daartegen beschermen of laat alles maar zitten?
Maar vraag het liever niet zo: ‘Je wil toch niet echt dood?’ ‘Je gaat toch geen gekke dingen doen?’
‘Weet je wel hoeveel verdriet je mij hiermee doet?’
7. Wat doe je als iemand zegt ‘Ja, ik denk weleens: van mij hoeft het niet meer’?
Volg deze 4 stappen om een goed gesprek te voeren:
1) Toon je bezorgdheid en luister zonder oordeel,
2) Stel de vraag en blijf doorvragen,
3) Luister, toon begrip voor iemands gevoel en
4) Zoek samen hulp bij huisarts, psycholoog of 113. Merk je nog iets waar hij/zij wel voor zou willen blijven leven?
Dit kun je beter niet doen: Het zelf proberen op te lossen, beloven dat je het geheim houdt, het alleen dragen; neem iemand in vertrouwen.
8. Is het zo dat als mensen praten over zelfmoord dat ze het dan niet doen?
Nee, dit is een misverstand dat we vaak horen. De overgrote meerderheid (55-90%) van de mensen die gestorven zijn door zelfdoding, hadden vooraf signalen gegeven. Praten over zelfmoordgedachten is een belangrijk signaal dat toont dat het echt niet goed gaat.
Er zijn gevaarlijke signalen bij; bijvoorbeeld; onverschilligheid naar zichzelf ‘laat me maar…’, slordigheid met zichzelf wat betreft eten en hygiëne, slechter slapen, afspraken afzeggen…….’
Je kunt vragen naar deze signalen en nagaan of het de persoon nog lukt het om de vraag te stellen of hij/zij zichzelf wil beschermen tegen deze fatale daad?
Zelfdodingsgedachten bespreken is dan ook een belangrijke eerste stap om een zelfmoord te proberen voorkomen. Praten is vaak een roep om hulp, geen toneel en geen schreeuw om aandacht. Signalen serieus nemen kan levensreddend zijn.
9. Hoe vaak komt zelfmoord voor in Nederland?
In 2024 maakten 1 849 mensen een einde aan hun leven. Dat zijn gemiddeld vijf zelfdodingen per dag. Met 10,3 zelfdodingen per honderdduizend inwoners verandert het zelfdodingscijfer de laatste jaren bijna niet. Het aantal zelfdodingen onder vrouwen tot 30 jaar is toegenomen tot 117 in 2024 en is niet eerder zo hoog geweest. Het zelfdodingscijfer is het hoogst onder vijftigers. Dit meldt het CBS op basis van nieuwe cijfers.
Sinds 2018 is het zelfdodingscijfer niet veel veranderd. Het zelfdodingscijfer houdt rekening met de groei en de hogere gemiddelde leeftijd van de bevolking. Zo zijn cijfers van verschillende jaren goed met elkaar te vergelijken. Tussen 2018 en 2024 schommelde het aantal zelfdodingen tussen 10,3 en 10,8 per 100 duizend inwoners.
10. Kan de mogelijkheid van euthanasie op psychiatrische gronden zelfmoordpogingen voorkomen?
Hier is veel over te doen in de media. In Nederland vragen steeds meer jonge mensen met ernstige psychische problemen om hulp bij zelfdoding. In wetenschappelijk onderzoek werd de aanvragen bekeken van jongeren onder de 24 jaar die tussen 2012 en 2021 een dergelijke aanvraag deden bij het Expertisecentrum Euthanasie. In totaal werden 397 aanvragen verwerkt van 353 jongeren, waarvan bijna drie kwart vrouw was en gemiddeld 21 jaar oud. Het aantal aanvragen steeg in de loop van de jaren. Toch werd het merendeel van de aanvragen niet toegekend: bijna de helft werd door de jongere zelf ingetrokken en 45% werd afgewezen. Slechts 12 jongeren overleden daadwerkelijk door euthanasie. Nog eens 17 jongeren pleegden zelfmoord tijdens het aanvraagproces en 2 overleden doordat ze stopten met eten en drinken. Alle jongeren die overleden door euthanasie of zelfmoord hadden meerdere psychiatrische diagnoses, zoals zware depressie, autisme, persoonlijkheidsstoornissen, eetstoornissen en/of trauma. Ze hadden vaak al veel behandelingen achter de rug en bijna allemaal hadden ze eerder zelfmoordpogingen gedaan. De onderzoekers concluderen dat deze groep jongvolwassenen een hoog risico loopt en dat er dringend meer kennis en betere hulp nodig is voor jongeren met aanhoudende doodswensen en ernstige psychische problemen.
[Schweren LJS, Rasing SPA, Kammeraat M, Middelkoop LA, Werner R, Mérelle SYM, Garcia JM, Creemers DHM, van Veen SMP. Requests for Medical Assistance in Dying by Young Dutch People With Psychiatric Disorders. JAMA Psychiatry. 2025 Mar 1;82(3):246-252.]
Onthoud:
Je gedachten mogen er zijn, maar je hoeft er niet alleen naar te luisteren.
Er is hulp. Er is tijd. Er is hoop!
Je hoeft niet perfect te weten wat je nodig hebt om hulp te vragen.
Je hoeft alleen maar te zeggen: “Ik trek dit niet meer alleen.”
Je gedachten mogen er zijn, je hoeft er alleen niet in je eentje naar te luisteren.
Wil je na het lezen van de tips hier met iemand over willen praten, neem contact op met de overleg en advieslijn van 113, bel op werkdagen tussen 10.00 en 16.00 uur naar de Overleg- en Advieslijn: 020-3113 888.
Daarnaast kun je ook altijd ten alle tijden 113 bellen, op het gratis nummer 0800-0113. Of chat met 113 via de hulplijn.
Of praat met iemand die je vertrouwt, hoe moeilijk dat ook lijkt.


